Het 40-jarige slachtoffer bleek een overdosis cocaïne in het bloed te hebben. Het hof heeft niet kunnen vaststellen of haar overlijden is toe te schrijven aan die hoge dosis cocaïne of aan het gewelddadige handelen van de verdachte in combinatie met die hoge dosis. Daarom is – anders dan in eerste aanleg door de rechtbank – niet een voltooide doodslag maar een poging doodslag bewezen verklaard. De rechtbank had voor de doodslag tien jaar gevangenisstraf en de oplegging van tbs met dwangverpleging opgelegd. Het openbaar ministerie eiste in hoger beroep eveneens voor een doodslag 9 jaar en 6 maanden (iets korter vanwege de schending van de redelijke termijn) en tbs.
Het hof heeft nu 7 jaar en 6 maanden gevangenisstraf opgelegd. Daarbij is de gevangenisstraf met 6 maanden gekort vanwege de overschrijding van de redelijke termijn bij de behandeling van de strafzaak. Daarnaast is opnieuw tbs met dwangverpleging opgelegd. Het beroep op noodweer (exces) door de verdachte is verworpen.

13.3 ℃




































